Van kinds af aan ben ik bang geweest voor de dood. Dat ik er zomaar niet meer zou zijn.
Ik ben Hervormd opgevoed, maar God stond niet echt centraal in ons gezin en over een hiernamaals werd niet gesproken.
In de relatie met mijn man ben ik Gereformeerd geworden, omdat ik vond dat zij toch meer met het geloof bezig waren in hun gezin.
Eenmaal getrouwd en wonend in een ander dorp, zijn wij allebei actief geweest in het kerkleven. Mijn man als ouderling, altijd begaan met de mensen en ik was voorzitter van de Evangelisatiecommissie en heb er veel tijd in gestoken om mooie activiteiten te organiseren om meer saamhorigheid te krijgen in de kerk. Maar toch was er een gemis in gevoel wat ik niet begreep.
Mijn man werd erg ziek en ze konden niet ontdekken wat er mis was met hem. Hij kon niet meer liggen door de pijn en had dagen dat hij niet kon lopen.
Via zijn zus is hij bij de Engelen gekomen en hij mocht horen dat hij een geïrriteerde alvleesklier had en een te korte beenspier. Als hij wilde kon hij daaraan geholpen worden. Dat wilde hij graag.
Ik heb de genezingen mee mogen maken. De Engelen werken meestal `s nachts aan de mensen als het lichaam in de rust is, en regelmatig beleefde ik dat mijn man me wekte en zei: nu wordt er aan mijn been getrokken.
Vanaf de dag dat hij bij de Engelen geweest was, was de pijn weg en kon hij weer liggend slapen en er is geen dag meer geweest dat hij niet meer kon lopen.
Ik vond dat een bijzondere belevenis, maar was ook kritisch en bang vanuit het gevoel van de kerk van hel en verdoemenis, of het wel goed zou zijn. Is het niet verkeerd om daarheen te gaan. Zouden ze veel geld vragen bv.
Hij had ook een contactblad van de Stichting meegenomen en het gevoel van de verhalen raakte me diep.
Ik liet het lezen aan de evangeliste in de kerk en zij oordeelde dat ze vond dat de Engelen voorop stonden en niet God. Dat vond ik niet.
Ik besloot het aan God te vragen en in dat gebed voelde ik een rust in me komen en warmte en een gevoel van ‘het is goed’. Ik heb gebeld voor een afspraak en ik had een lijst met mijn levensvragen mee, waarom is er arm en rijk bv. en waarom sterven baby`s, wat heeft dat voor zin en waarom heeft de ene mens zoveel leed en de ander niet.
Ik kwam binnen en ik was helemaal bekend. Ik heb geen vraag hoeven stellen en ze zijn allemaal beantwoord. Dat er leven na leven is, dat dood niet dood is en dat hel en verdoemenis niet bestaat, maar dat je altijd doorgaat en dat de aarde een leerschool is voor de mens om je gevoel te ontwikkelen naar het goede en dat iedereen een vonk van God is op weg terug naar God. Dat alles bij God gericht is op liefde en op de ander vooruit te helpen. Mijn angst voor doodgaan ging weg en toen ik vroeg naar de kosten voor het gesprek wat toch twee uur geduurd had, werd gezegd dat ik niets hoefde te betalen. Dat raakte me ook en ik schaamde me voor mijn gedachte die ik had gehad.
Het gevoel van thuiskomen wat ik beleefde is niet te beschrijven.
Terug in de kerk beleefde ik alles intenser, omdat ik wist dat God en de Christus en de Engelen echt bestaan, niet hoog in de Hemel, maar dichtbij de mensen om te helpen en te stimuleren. Ik dacht wat is dit mooi om te weten en wat zal dat iedereen goed doen als ze deze kennis horen. Dan komen we echt dichter tot elkaar.
In een gesprek met onze diaken en ouderling hebben we van de Engelen verteld en ze waren erg geraakt. Zij hebben dit verteld in de kerkenraad en daar ging het mis. We werden veroordeeld en er werd ons een brief gebracht waarin stond dat we wel in de kerk mochten blijven komen, maar mijn man mocht geen ouderling meer zijn, wat de mensen erg vonden, want hij had veel contacten met de mensen en we moesten een brief ondertekenen waarin stond dat we niet meer over ons persoonlijk geloof mochten praten, omdat het niet de leer van de gereformeerde kerk was. Dat hebben wij geweigerd.
We hebben een gesprek met de kerkenraad aangevraagd , maar dat wilde de kerkenraad niet. Vervolgens heeft de kerk een brief opgesteld naar alle leden van de kerk, waarin werd gewaarschuwd voor contact met ons.
We konden haast niet geloven wat er allemaal gebeurde.
Wij hebben zelf ook een brief opgesteld en aangegeven hoe erg we het vinden hoe de kerk handelt en dat we open staan om alle vragen te beantwoorden.
In de eerstvolgende gemeenteavond, waar 60 mensen aanwezig waren, werden door de voorzitter de negatieve berichten over de Stichting die hij verzameld had aangehaald en hij riep luid: komt u maar, wij genezen u, dat kost u 3.000 gulden. Ik kon niet geloven wat hier gebeurde.
Iedereen werd persoonlijk gevraagd of hij nog iets had voor de rondvraag en wij werden bewust overgeslagen.
Ik ben toen gaan staan en heb gezegd of iedereen moet kijken waar hier de liefde van de Christus aanwezig is. Want dat kon ik toch niet vinden in het handelen van deze mensen.
Een paar mensen waar we veel contact mee hadden gingen staan en spraken hun afkeer uit van hoe het ging.
Ik had nog een spelavond georganiseerd na deze avond en ben nog gebleven. Dat je dat kan zeiden een paar mensen. Ja, zei ik, mijn rug is recht. Ik loop niet weg.
Ik was nog steeds hoopvol, maar de Engelen hebben me gezegd dat die paar mensen toch weer zouden kiezen voor het instituut en dat is ook zo gegaan.
Het is in 1991 dat dit speelde, nu 35 jaar geleden en we zijn 37 jaar bij de Engelen, en dat we bij de Engelen zijn gekomen is het beste wat ons is overkomen in ons leven.
Ik heb ze de hemd van het lijf gevraagd toen ik voor het eerst naar de lezingen ging en mij werd gezegd dat ze blij waren met kritische mensen, omdat het betekent dat je onderzoekt.
Ik zou een boek vol kunnen schrijven over alle kennis en ervaringen en belevenissen die we hebben mogen ontvangen vanuit de Hemel en de wonderen die we meemaken, de bewijzen die we ontvangen mogen, dat ze er zijn en hoe het is een leven met de Engelen, die ons zover vooruit zijn en zoveel kunnen uitleggen, en nog dagelijks besef ik me dat ik zeker weet dat er heel veel mensen zijn die dit geweldig zullen vinden, als je er maar voor openstaat.
Belinda
Door hier te klikken gaat u naar het overzicht van persoonlijke verhalen.
